woensdag 7 mei 2014

Klem

Het verhaal start een paar maanden terug. Nee, niet waar. Eigenlijk al een aantal jaren geleden. Metaforen? Hou het maar op uit mijn schulp kruipen. Vrijheid ervaren, steeds minder drang naar de schelp. Zelf creëren. Honderd lampjes in mijn hoofd en deze omzetten naar bruikbare initiatieven, ontwikkelen, opbouwen. Energie kost het niet, levert het alleen maar op. Bereid om meer te geven. En dat gaat vanzelf. Domweg omdat het leuk is. Leuk is niet genoeg. Ook omdat het functioneel is en ik zie, merk en voel dat mijn omgeving blij van me wordt. Zoals ik ben en mag zijn. In alle vrijheid. Zonder schulp. Met lef.

Het voeren van eigen regie. Persoonlijk leiderschap. Zo noemen ze dat zo mooi. Ik geloof daar in. Ook geloof ik in talenten van mensen, zakelijk en/of privé. In het bundelen van die diversiteit aan talenten. Zodat een persoon nog beter wordt, zodat het team nog krachtiger staat. Zodat een organisatie nog meer dienstverlenend kan zijn. Ik geloof in welwillend- en bereidheid van mensen. Noem het wat mij betreft naïef. Maar 'goed' komt eerst, totdat het tegendeel bewijst. Ik geloof in de hardwerkende, zelfstandige en zelfredzame collega's. Als individueel en oorspronkelijk persoon. Niet in de vervormde en vervolgens mogelijk murw geslagen medewerker. Af en toe kom ik ze tegen. Kijk ik snel de andere kant op. Zo wil ik niet zijn. Totdat ik de laatste maanden mezelf erop betrap dat mijn blik nét iets langer op deze personen rust, ik zelfs neig met staren. Zoek ik een blik van herkenning?

Onrust in mijn lijf. Glijdt erin. Onbewust, totdat mijn omgeving me hierop attendeert. En ik raak het niet meer kwijt. Pogingen dit gevoel te ontleden bezorgen me hoofdpijn. Ik wil weten hoe het zit, waar het vandaan komt. Wil die zogenaamde vinger erop krijgen... Is het beperking van vrijheid? Alsof iets of iemand me terug wil proppen in die schulp. Maar dat kan toch niet meer? De glorie van vrijheid ervoer ik. Als zeer positief. Levert vruchtbare ideeën op en worden omgezet in resultaten waar zowel ikzelf als mijn omgeving van profiteert. Een straffe hand voel ik nu in mijn rug. De adem van een ongrijpbaar systeem hijgt in mijn nek. Ondefinieerbaar ook, maar alsof het vastberaden is me in te halen en dwingt om tot in detail aan te geven hoe en waarmee en met wie ik mijn tijd besteed om daarmee mijn resultaten inzichtelijk te maken. Niet eerder ervoer ik dit gevoel van . Ligt het aan mijn omgeving? Aan mezelf? Ik wil dit niet en kán het ook niet (meer...).  Het beklemt me. Het dreigt mijn creativiteit lam te slaan. Murw?

Even los van het systeem... Tijd voor een break. Korte vakantie. Natuur. Frisse lucht. Wandelen. Museum.

In het Bonnefantenmuseum zie ik haar. Zij zit klem. Behoorlijk zelfs. En ook zie ik háár. Gehavend en dreigt om te vallen. Net als ik? Wederom herkenning? Of toch niet, voelt het anders? Nu wend ik mijn hoofd niet af. Blijf kijken. Beide figuren zijn vervaardigd uit steen en ontstaan uit de dynamiek en verbeelding van de ander. De kunstenaar in dit geval. Ik ben mens van vlees en bloed en projecteer mijn gemoedstoestand, mijn vraagtekens, op de kunstwerken. In plaats van herkenning besef ik dat ik in de gelukkige staat ben om zelf vorm, oftewel eigen regie, te bepalen. Mijn weg loopt niet dood, hooguit stopt het asfalt. De aarde is rond, dan maar op een andere manier verder. Immers... Ik wil niet verstenen. Maar blijven wie ik ben. Sterker nog, doorontwikkelen. Groeien. De schulp is te klein. Het is tijd voor een grotere en mogelijk zelfs andere behuizing. Hoe en wat is aan mij. Bepaal ik alleen. Ik kan niet naar een ander wijzen...

De tentoonstelling Beating around the bush met werken van Mark Manders is nog tot 22 juni 2014 te zien in het Bonnefantenmuseum Maastricht






dinsdag 21 januari 2014

Stories We Tell

Tegelijkertijd in hetzelfde verhaal, alleen jij vertelt het anders.... 


Ik voel gewoon dat zijn ogen vochtig worden. Ondertussen ken ik hem al goed genoeg om te weten wanneer dit gebeurt. Tijdens welk fragment welke emotie. Ik voel het en werp vanuit mijn ooghoeken een vluchtige blik op hem. En inderdaad. Gedurende de paar seconden waarop het licht vanaf het doek zijn gelaat treft, zie ik dat zijn handen proberen de geruisloos glijdende tranen weg te vegen. Ik vraag me af waarom? Het is toch donker? En dan nog... Ook vraag ik me waarom ik me meer op zijn gemoed focus dan op de film. Ik schuif eerst nog wat onrustig heen en weer op mijn bioscoopstoel om me vervolgens over te geven....



Op uitnodiging van een facebookvriendin. Veronica. Schrijfcoach. Naar de documentaire 'Stories We Tell' van Sarah Polley. Afgelopen zondag in Filmtheater Hilversum. In de film reconstrueeert Sarah het verleden van haar moeder. en benadrukt thema's als omgang met verlies rouw en verdringing. Dit doet ze via interviews die ze afneemt met haar vader en broers en zusters. Daarnaast ook met direct betrokkenen uit de tijd dat Sarah's moeder leefde. En ze ontmoet haar biologische vader en vraagt naar zijn verhaal.Gevolg: verwarring. De diverse verhalen zijn ontstaan en hebben betekenis gekregen door en in de tijd. Gelaagd. Fragmenten zijn versterkt, danwel vergeten cq verdrongen. Er wordt verteld vanuit een ieders persoonlijke beleving en daardoor ontstaan verschillen in interpretatie en daarmee tegelijkertijd verschil in 'waarheid'. Sarah komt er achter dat de waarheid afhankelijk is van wie het verhaal  vertelt.

Verwarring.

Al kijkend en zelfs nu al schrijvend betrap ik mezelf erop dat ik het verhaal van de film wil ontleden. Dat werkt niet. Het is Sarah's film, inhoud gegeven door de mensen die haar lief zijn. Ik laat het los. Het effect van deze film, naast de ontroerende verhaallijn, gaat verder. Zoveel fragmenten die gedurende de documentaire parallel lopen aan of confronteren met mijn eigen levensverhaal.

Mijn handen glijden over mijn wangen. Tranen veeg ik weg. Ik voel me betrapt. We kijken naar elkaar. Contouren. In de schemering van de filmzaal. Eerst. En later ietwat onthutst in de lobby van het filmhuis. Het licht te fel en er is teveel in mijn hoofd.

Verwerken...

En dan het besef dat de kracht van een verhaal in openheid en kwetsbaarheid zit. Zo ook in dit verhaal. Dat juist die elementen zoveel in de ander losmaken dat, zonder te oordelen, de inhoud ervan er eigenlijk niet meer zoveel toe doet... Dat de bezieling en passie van de verteller er toe doet. Dat die emotie raakt. En het verhaal vertelt. 

De film zet me aan tot nadenken over mijn eigen ideeën over schrijven. Iets wat ik fijn vind om te doen. Iets waarvan ik nog steeds niet zo goed weet hoe vorm te geven. Zowel fysiek als digitaal vastgelegd materiaal in overvloed. Op schrift en beeld. Mijn verhaal. Mijn waarheid. Vanaf het moment al dat ik kon schrijven. Zoveel situaties, gebeurtenissen en vooral gevoelens waarover ik schreef. Zoveel passanten. Waar ik ook over schreef. Die ertoe deden. In diezelfde tijd en ook later.

En ik vraag me af aan wie ik mijn verhaal eigenlijk zou willen vertellen? Delen? En waarom? Wie zou er naar luisteren?  Het willen lezen? Voor wie en in welke mate doet mijn verhaal er toe... Mijn kinderen? Partner? Directe omgeving? Derden? Ik hoef niet zo nodig te spiegelen of anderen wakker te schudden. Wel wil ik verbinden en inspireren.

Zoals de film mij inspireert. Me laat (in)zien, maar vooral laat voelen dat eenieders verhaal er toe doet. Dat jouw verhaal iets voor mij kan betekenen. En het mijne mogelijk iets voor jou....

Bekijk hier de trailer: http://www.youtube.com/watch?v=ytq4VZ2Nyxg

woensdag 23 oktober 2013

What's in it for her?

Zonlicht valt via de ramen op de bank in de woonkamer en raakt de gouden haren van dochter. Daar valt mijn oog op. Eerst. Bewondering die vervolgens omslaat in lichte ergernis wanneer ik dé standaard van tegenwoordig aanschouw. Achter die hoogglans haren een hyperfocus op mobiel, vastgekleefd in de hand; lichte frons op haar gezicht afgewisseld met af en toe een flauwe glimlach. Om alles wat voorbij komt in haar TL. Vingers die reageren hou ik niet bij. Maar wie ben ik? 'Goed' voorbeeld doet goed volgen? 

Twee dingen. Eerst over dochter. Examenjaar. MAVO. Volgend jaar geen HAVO, maar MBO Mode en Design, om daarna gekozen richting voort te zetten op HBO niveau. Het liefst in Amsterdam. Waarna een carrière in Parijs, nee Amerika! Hoewel... China spookt tegenwoordig ook steeds door haar hoofd... Het hoofd van mijn 15-jarige dochter. Vol overtuiging dat dit allemaal gaat gebeuren. Dit is haar plan. Fantasieën die vorm krijgen door de koers die zij bepaalt. En daar blijf je (ik) vanaf. Hooguit stimulans en support door haar omgeving.

Wij zijn die omgeving. Dat is tevens punt twee. Co-ouderschap samen met de vader van mijn kids. Ik de doordeweekse zorg, mijn ex de vrijheid van het weekend. Op deze manier functioneert het co-ouderschap al zo'n tien jaar perfect. Voor de kinderen, mijn ex en mijzelf. Vanwege de flexibiliteit en souplesse ingegeven door wederzijds respect. En bovenal omwille van de zorg over de kinderen. En natuurlijk zijn er ook weekenden dat de kinderen bij mij zijn. Hoewel zij steeds meer andere (eigen) belangen hebben, komt het gelukkig ook nog wel eens voor dat er dan ruimte is voor een gezamenlijke activiteit.

Zo ook afgelopen weekend. Kids bij mij. Zondagmorgen, die flauwe zonnestralen. Krant uit, koffie op. 'Bankhangen'. Levert zo waar een goed gesprek op. Over die stimulans. Prikkels. Wat heb je nodig om een goed designer te kunnen worden? Wat bepaalt je exclusiviteit? Creativiteit? Waar haal je de inspiratie vandaan? Enthousiast word ik van mijn dochter. Zij die zo goed weet wat ze wil. En open staat voor het opdoen van indrukken. Al pratend en luisterend valt mijn oog op een kleine advertentie van Museum De Fundatie, waar een expositie van kunstenaar Marino Marino wordt aangekondigd. Wat te doen vandaag? Daar naar toe? Dochter, gevoed door gesprek, geeft aan wel mee te willen.

En ik zie haar kijken.

Eerst aarzelend, onwennig. Even later, op een enkel werk na, bijna ongeïnteresseerd zelfs in de werken van Marino Marini. Thema paarden spreekt haar niet aan. Ik kijk over haar schouder mee en probeer niet teveel te 'wijzen op'.Wil haar zelf laten kijken. Met eigen ogen de vertaalslag laten maken. "What's in it for her"? Dochter tikt aan op ronde vorm en kleur. Ik ook.

Na Marino Marini lopen we de trappen op naar 'Het Oog'. Daar exposeert fotograaf Pieter Henket. En daar lijkt dochter 'open' te gaan. Aansprekende foto's en bewegende beelden prikkelen haar fantasie. Laten zien wat kan. Creatief. Als je kunt. Grensverleggend. Als je durft. Bewondering voor de fotograaf die haar via zijn werk stimuleert om te gaan maken wat zij wil en zoals zij wil.

Later op een terrasje. Daar waar ik normaliter de neiging heb om teveel te praten, luister ik nu. Naar haar commentaar, belevingen en plannen... Soms lijkt opvoeden gewoon vanzelf te gaan. Dankbaar voor dit moment. Mijn ingelaste co-ouderschap weekend kan niet meer stuk. 

Meer informatie over de exposities Marino Marini en Pieter Henket vind je op de site van Museum De Fundatie http://www.museumdefundatie.nl/





vrijdag 20 september 2013

Freedom

Het fenomeen vrijheid. Niet in de wereldwijde context. Oorlogen - religieus of politiek, gevangenschap, en/of anders. Maar dicht bij huis. Heel dichtbij. Over mezelf. Hoe ervaringen zich hebben vertaald in vrijheid. Over hoe fijn ik het eigenlijk vind om ouder te worden en daardoor steeds meer over mezelf te begrijpen. En te accepteren. En daardoor te worden geaccepteerd door de ander. Of niet. 

Ik praat erover in mijn omgeving. Wil mijn gevoel delen en vraag ook hoe zij en hij ervaart. Ik praat erover met hem. Mijn relatie met hem. Die was. En daarna kwam. En nu is. De relatie met mijn kids. Ouders. Niet meer in het keurslijf van zogenaamde verwachtingen te hoeven opereren, acteren. Opgelegd door anderen. Er past geen onnatuurlijke rol bij me. Hoe handig het volgens die anderen in bepaalde situaties juist wél is. Ik ben ik. Of ik nu moeder of geliefde ben. Buurvrouw of collega. Ik praat dezelfde stem vanuit dezelfde gedachtegang. Ik kan en wil niet anders zijn dan mijzelf, opdat zij dezelfde persoon meemaken en herkennen.

En ik vraag. Aan hem. Hoe ziet en voelt hij persoonlijke vrijheid? Mijn kids? Ik laat ze vrij. Zijn ze vrij? Ik met  mijn moeder-argus-ogen? Geraakt word ik door mensen die vanuit de zuiverste intenties gevoel, kennis, ervaringen én persoonlijke mening delen. Omdat het kan en mag, omdat ze vrij zijn.  Geen angst hoeven voelen. Waarvoor? Open kán ik zijn en wil ik zijn. Maar... tot hoever gaat dit gevoel? Heb ik de kern al bereikt?

In mijn vertwijfeling over wat nu precies de definitie van vrijheid is en hoe ik deze persoonlijk interpreteer en daarmee hoe vrij ik eigenlijk ben, kom ik via social media 'toevallig' een sculpture tegen. Geraakt. Wie is die kunstenaar? Waar staat het? Hoe heet het? De vraag zet ik uit via Twitter en al snel word duidelijk dat het 'Freedom' van Zenon Frudakis is en in Philadelphia staat.



Ik kijk naar de sculpture en stel mezelf en anderen de vraag opnieuw. Hoe voelt persoonlijke vrijheid? Probeer mezelf te identificeren met één van de figuren. Wie ben ik op de schaal van 1-4?

Ik weet waar ik sta. Omdat de mensen die ik ontmoette en waarmee ik relaties aanging, niet voor niets voorbij kwamen.Omdat we elkaar op dat moment iets te vertellen hadden, omdat we elkaar even nodig hadden. Leerden en beter werden van elkaar. Omdat zij me lieten groeien. Tot wie ik nu ben. Omdat ik me nu veilig voel. Bij hem. En haar. En natuurlijk hen. Omdat het goed voelt. Omdat ik er mag zijn... bén ik er. Zoals ik wil zijn. Zo wil ik mijn vrijheid voelen...

Hoe zit dat met jou? Waar sta jij?


zondag 23 juni 2013

Cleaning the rooms of the past

Iedere keer wanneer mijn vader aan mij vraagt hoe het met me gaat, wil hij eigenlijk maar één ding van me weten... Hoe het met de gemoedsrust is. Tussen de oren. Geen zorgen. Natuurlijk zeg ik altijd dat het goed gaat. Ook wanneer ik weet dat ik geen rust heb. De laatste weken voor de vakantie bespeur dat ik op mijn tenen begin te lopen. Laatste dingen op het werk, zorg soms om kids in combinatie met school en dan op een zondagmorgen wakker worden. Om half zes. En dat de kat op bed doet beseffen waar ik ben.

Ondanks nog gestrekt klaarwakker. Niet meer in bed kunnen liggen, maar ook niet willen opstaan. Proberen opnieuw weg te zakken in slaap, maar zelfs de verfrommelde lakens irriteren me. En versterken mijn onrust. Blik naar het zolderraam. De grijze wolken hebben haast en trekken gejaagd voorbij. Ik blijf onrustig. Besluit om mezelf vandaag aan bed of bank te ketenen om daarmee rust te forceren. Maar weet tegelijkertijd dat dat niet werkt. Misschien op een andere manier... 

Al maanden heb ik zin om de beeldentuin van Kasteel Nijenhuis in Heino te bezoeken. Iedere keer wanneer ik in de gelegenheid was, regende het. Toevallig. En besloot daarop om toch maar niet te gaan. Inmiddels weet ik dat regen in Nederland niet toevallig is, zo ook niet vandaag. Dus om kwart voor zes weet ik wat te doen. 

In de tuin valt mijn oog direct op ‘Rawsome!’ van Ronald A. Westerhuis. Het spiegelend roestvrijstaal dwingt mij om én naar het kunstwerk, én naar mijzelf én naar de wereld om mij heen te kijken. Via de bol zie ik ineens hoe prachtig groen de tuin is. Serene rust. Vredig. Lieflijke woorden. Nu nog zelf een kier open zetten om mijn gemoed hieraan over te geven.  

Het veld, de tuin, het groen in combinatie met vergezicht over water en langgerekte velden geven lucht. Het is goed dat ik alleen ben. Nu. Alleen om met mezelf te kunnen delen, moeten delen. Maar ook om de confrontatie met mezelf aan te gaan.Vanuit de bol zie ik ‘Cleaning the rooms of the past’ van Frode Bolhuis. Het felle oranje/rood steekt fantastisch af tegen het heldere groene gras. Hoe toepasselijk de titel. Wordt het nu toch echt eens tijd om schoon schip te maken, op te ruimen en af te rekenen met het verleden wat me iedere keer weer laat struikelen?

Ook ‘Drift’ van Adri Verhoeven wil ik persé nog eens zien. Om de stenen. Zo zacht ogend, zo bikkelhard in de realiteit. Steen, de oermaterie bij uitstek.
‘Daarbij vergeleken zijn wij zelfs nog geen eendagsvlieg’, benadrukt de kunstenaar. Ik besef dat ik wil lachen. Wil genieten. Leven.

Net zoals door de tuin, is het wandelen in het kasteel op zich ook al een feest. Over het kasteel. Wat een geweldig gebouw. De geschiedenis van het kasteel begint in de late Middeleeuwen en werd bewoond door diverse adellijke geslachten, onder wie de families van Ittersum, Bentinck en Von Knobelsdorff. Tegenwoordig is er een veelzijdige, internationale kunstcollectie te zien.

Maar eerst een kop thee, met een geweldig lekker en vers klaargemaakt broodje Carpaccio. Aan gastvrijheid ontbreekt het niet. De horecagelegenheid biedt en goede catering en een rustige gelegenheid om me ietwat in te lezen over de expositie in het kasteel. 24 monumentale werken van het oeuvre van de in 2004 overleden kunstenaar Hieron Pessers worden momenteel gepresenteerd: ‘Lyrische en tragische doeken verbeelden een geheel eigen, vaak verontrustende wereld. Er wordt gefeest op de rand van de afgrond’. Ik verheug me.

In diverse ruimten hangen de werken van de kunstenaar. Twee ervan intrigeren me. Als eerste ‘Love Letters’uit 1986. Hierin komen drie liefdes van Pessers samen: architectuur, taal en mode. Ik zie een man en een vrouw. Gescheiden door woorden. Ik lees fragmenten: ‘The shimmering beauty’, ‘Almost Unbearable’ en ‘To win your heart’, Het maakt me verdrietig. Woorden. Kunnen maken en breken. 

En dan ‘In case of Dreams’ uit 1988. Over de illusie van de alomvattende liefde. En jaloezie. En over een werkelijkheid die het daglicht niet verdraagt. Ik fotograaf haar. Dus pak haar op uit het schilderij. Ik kan het niet aanzien dat iemand zich zo vastklampt. Ik wil niet dat zij zichtbaar aan de benen van de man blijft hangen. Daar is ze te goed voor. 
Het werk “I’m so weary and all alone’ laat ik wel in tact. Een narrenschip waarop mensen uitbundig feestvieren. Moe worden van al het feestvieren. En iedereen gaat uiteindelijk naar de haaien. Dit feestvieren is niet mijn feestvieren. Het maakt me moe. En ik wil niet naar de haaien. 

Terwijl ik enigszins aan het bijkomen ben van de culturele flipperkast waar ik als bal van het ene naar het andere kunstobject geschoten werd, voel ik toch ruimte ontstaan voor de rust waarvoor ik kwam. Het is er nog niet. Daar is meer voor nodig. Wel opnieuw enorm genoten van de veelzijdige kunstcollectie die Kasteel Nijenhuis, zowel binnen als buiten, tentoonstelt.

Voor meer informatie over De Fundatie / Kasteel Nijenhuis http://www.museumdefundatie.nl/25-HeinoWijhe.html
De expositie ‘Dolce Vita’ van Hieron Pessers is nog tot 25 augustus 2013 te zien.

zaterdag 18 mei 2013

Langs de lijn: ASO-ouders


In de supermarkt raak ik in gesprek met iemand van de plaatselijke voetbalvereniging. Hij had vanochtend naar de wedstrijd van het D-elftal van zijn zoon gekeken. De jongens konden kampioen worden. Niet gelukt. Kinderen waren erg teleurgesteld. Uiteraard. Konden verlies uiteindelijk wel relativeren: 'Ze - de anderen - waren gewoon beter'. 

De jongens hadden hard voor de titel geknokt. Ondanks de spanning vochten ze als leeuwen. In het veld, maar ook buiten de lijnen, liepen de gemoederen soms erg hoog op. Zo hoog, dat de vader met wie ik sprak besloot om zich te distantiëren van het groepje ouders waar hij bij stond. Ik vroeg waarom? 'Omdat ze zich a-sociaal gedroegen'. Terwijl hij uitvoerig verslag doet van alle beter-niet-concreet-te-benoemen uitlatingen (boven gemiddeld volume) van de betreffende ouders richting scheids, grens en zelfs (eigen) kind , maken mijn gedachten een sprongetje terug in de tijd...

En een beetje schaamrood bekruipt opnieuw mijn gezicht (moet ik eerlijk bekennen).

Een paar jaar geleden vroeg diezelfde voetbalvereniging aan mij of ik het volgende seizoen leider van het jeugdelftal van mijn dochter wil worden. Lang hoefde ik hier niet over na te denken, zelf vroeger op de grasmat gestaan en vind het heerlijk met die meiden! Dus natuurlijk zei ik volmondig ‘ja’. Mijn dochter zelf gaf ook toestemming, dat wil zeggen, onder één voorwaarde: ‘Mam, wordt alsjeblieft geen aso-ouder!’

Teamsport
Ik probeer mijn kinderen mee te geven dat het niet alleen om de winst gaat… Uiteraard: wat is er nu mooier dan samen met je vrienden op de kampioenskar door de straten van het dorp te trekken. Maar het samenspel, het leren omgaan met een nederlaag en eventuele tegenslagen zijn belangrijke elementen in de teamsport die een kind vormen. Een ander gegeven is de vriendschappen die ontstaan. Jarenlang heb ik mogen ervaren hoe fijn het is om ook vanuit andere invalshoeken dan school en buurt vriendschappen aan te gaan. Ondank deze bewustwording, kan ik helaas niet ontkennen dat ik ook een ontzettend fanatieke ouder ben. Volg tot in detail het spel, zie mogelijkheden en probeer (sociaal!) aanwijzingen te geven.

(Té) enthousiast of aso-ouder?
Welke pupil droomt er nu niet van ooit nog eens profvoetballer te worden. Maar eigenlijk nog meer om gewoon iedere zaterdag of zondag met vriendjes en vriendinnetjes lekker tegen een bal aan te trappen. Sommige ouders vinden het soms wat lastig om die droom te laten varen. Blijven hardnekkig geloven in een sprookje, terwijl ze iedere week geconfronteerd worden met de harde conclusie dat een profcarrière waarschijnlijk niet voor hun zoon of dochter is weggelegd. De ouder waant zich coach. Sterker nog, daar waar de ouder niet verder kwam dan het derde elftal van de plaatselijke voetbalclub, is zijn/haar kind het meest talentvolle van het veld.  Drilt het kind zelfs met onacceptabel gedrag tot verwezenlijking van die droom, dus tot het uiterste. Tijdens de wedstrijd lijkt het wel of de ouders regelmatig fanatieker zijn dan hun kinderen zelf. Een eventuele achterstand levert mogelijk zoveel frustratie op dat de zogenaamde ‘aso-ouder’ zich ongeremd laat gaan ten opzichte van de scheidsrechter. Maar dat niet alleen, ook de trainer, begeleider en natuurlijk het eigen kind ontkomen niet aan kritiek!
  
Kinderen hebben tijdens het spel last van hun ouders. Ze schamen zich, kunnen niet ongeremd het spelletje spelen. Het gaat uiteindelijk ten koste van het spelplezier. Ouders geven het voorbeeld, maar naar wie luistert het kind? Naar hun coach of naar hun ouders? Het verwart het kind. In ieder geval die van mij….

Schaamrood
Met licht schaamrood op mijn kaken moet ik toegeven dat ik vorig seizoen door mijn zoon tijdens een wedstrijd geconfronteerd werd met mijn aso-gedrag. Hij speelt spits, maar verdedigde tijdens een aanval van de tegenpartij mee. De bal viel uiteindelijk weer in ‘handen’ van zijn team en hij kreeg hem in bezit. Vanuit een verdedigende positie counterde hij naar het doel van de tegenpartij. Ik totaal buiten zinnen: ‘Lopen! Lopen!!! Loop dooooooorrrrr!!! Ineens stopt mijn zoon, zet zijn handen in de zij, ontdekt mij direct als zijnde die bewuste supporter, kijkt me ‘killing’ aan en zegt met een stem die nooit ijziger klonk: ‘En wáár dacht je dat ik mee bezig was?’.

Het bleef vervolgens niet bij zijn blik alleen…Vanaf dat moment laat ik het coachwerk maar aan de echte coach over!

Herken je jezelf (enigszins)? Sta jij regelmatig langs de lijn? Goed bedoeld te schreeuwen? Bekijk dan eens dit spotje 



 Of bekijk hier het filmpje van SIRE:


dinsdag 9 april 2013

La Toletta


Dat je geraakt wordt door 'iets' - een beeld - waar je toevallig tegen aanloopt. Een beeld waarvan je weet dat je het in materie nooit zult bezitten,  maar op een andere manier weet toe te eigenen. Een beeld wat binnenkomt, daar blijft en af en toe wat extra aandacht verdient.

Wat de aanleiding van mijn verhaal is? Deze retweet van Het Kröller-Müller Museum
  
Wat is jouw favoriete topstuk in het @krollermuller? Kies het op edekijktkunst.nl. En maak kans op mooie prijzen! #Ede #kunst

‘We gaan naar het Kröller-Müller als de Rodondendrons bloeien…’ 

Het wordt iets eerder. Én vanwege het weer. Én omdat we geen zin meer hebben om daar op te wachten.


Het bezoek aan Het Kröller-Müller maakt in meerdere opzichten veel indruk op me. Niet alleen het gebouw, dus het museum zelf. Ook de beeldentuin met geweldige, zeg maar rustig indrukwekkende, kunstwerken. Deze staan verspreid over het hele terrein. Niet allemaal even goed zichtbaar, maar juist daardoor bij toeval word je aangenaam verrast tijdens een wandeling door de beeldentuin.

Kunst binnen. Nieuwsgierig laat ik mijn blik glijden over de omvangrijke tentoongestelde collectie werken van niet de minsten als Vincent van Gogh, Pablo Picasso, Mondriaan en zelfs (voor mij) Isaac Israëls. Genieten, dat zeker, maar nieuwsgierig zoek ik naar … iets van/voor/over mij? Het onbekende, de klik, de ontmoeting? Gedachten dwalen weer af, zacht lopend wandelen we verder. De één wacht hier, de ander kijkt daar…

Totdat ik via een spontane omwenteling ineens oog in oog met La Toletta van Massimo Campigli kom te staan. De contouren, de kleuren, de eenvoud, het gezicht wat zich niet laat zien, de vrouw die zich op- en klaarmaakt voor? Wie? Wat? Wat gaat er om in dat hoofd? Ik betrap me op een gesprek dat ik start. Dat ik voer. Met haar. Vragen die ik stel. Aan haar. Over mezelf. ‘Wat zou jij doen?’ Ik wacht. Maar ze hoort me niet. Doet in ieder geval alsof en blijft zich focussen op haar vlecht. In zichzelf gekeerd. Ik verwijt haar desinteresse. Ze confronteert me met mezelf. Laat me zelf oplossen.

Dan stop ik. Ik houd mijn mond en beslis. En wandel verder. Maar ze blijft bij me. En de conversatie zeker. Dank. Geweten.

En daarna, iedere keer als ik Het Kröller-Müller tegenkom, in welke hoedanigheid dan ook…. dan denk ik aan haar. En wat zij met mij deed.

Zo ook bij bovenstaande tweet. Ik klik vervolgens op de link in de tweet http://edekijktkunst.nl/ en zie tot mijn grote vreugde dat in het kader van het 75-jarig jubileum van het museum ‘men’ uit 75 topstukken een favoriet kunstwerk mag kiezen. ‘La toletta’! schiet door mijn hoofd. Ik lees verder, maar gaandeweg de regels word ik geconfronteerd met twee kanttekeningen. De eerste is dat in de lijst van de door het museum zelf geselecteerde topstukken ‘La toletta’ niet eens(!) voorkomt. En vervolgens dat je alleen je stem kunt uitbrengen als je woont, werkt of studeert in Ede….
Hoe gaat die voor teleurstelling illustratief staande tune ook alweer?
Ik heb gevraagd of ‘EdeMarketing’ een baan voor me weet in die regio… En Kröller-Müller laten weten dat in dat geval mijn voorkeur uitgaat naar Isaac Israëls… één van mijn favorieten (die met Mata Hari wél ‘doorgedrongen’ is in de top75).

Maar ja, ik mag niet kiezen....
Informatie over Massimo Campigli:  http://en.wikipedia.org/wiki/Massimo_Campigli
Kröller-Müller Museum: http://www.kmm.nl/
Ede kijkt kunst: http://edekijktkunst.nl/