zondag 17 januari 2016

Op geringe afstand

De laatste dagen voor de kerst kenmerken zich door haast. Laatste cadeautjes. Slijter, poelier. Snél nog even die paar kaarten posten. 'Zijn we dit jaar tante Annie niet vergeten?'. In ieder geval wel de bessensap voor de saus die we moeten maken voor het kerstdiner. Als we dan toch de stad nog in moeten, dan ook maar even wat fruit en extra boter. Uiteindelijk vijf tassen rijker begeven we ons in de kerst-in-oud-Kampen-menigte, drinken een biertje in De Stomme van Campen. Haast en nog eens haast. Voel me altijd opgelaten en niet comfortabel in deze periode van het jaar. Opgedrongen 'feeststemming'. Bereikt mij nog niet. Toch enigszins ontspannen begeven we ons iets voor zessen weer naar de auto. Langs Galerie van Driel.

Er brandt daar licht en muziek - is het Bach? - dwarrelt door de iets openstaande deur over straat. Ik werp een blik door de ietwat beslagen ramen en zie 'nieuwe' schilderijen in de galerie hangen. We besluiten nog even naar binnen te gaan. In de hal parkeren we onze tassen onder het houten tafeltje op de stenen vloer. Daartegenover is de deur die ons al krakend toegang tot de expositie 'Op geringe afstand' verschaft.

Binnen worden we verwelkomd door de 67-jarige Daan van Driel. Eerder mocht ik hem ontmoeten tijdens de opening van een expositie van zijn broer Jan. Ook hier. Andere schilderijen hangen nu aan de wanden van één van de oudste huizen in Kampen. Ik loop langs voornamelijk portretten. Ieder schilderij draagt een verhaal uit. Loop langs en wandel tegelijkertijd een andere wereld binnen. De sfeer daarin is warm. Maar ook zie ik angst en verdriet. Gezichten staren. Naar elkaar. Of kijken juist weg. Overpeinzen, berusten. Er zijn veel verhalen. Intieme, niet op zichzelf staande verhalen. Er is samenhang. Onrust sluipt in mijn lijf. Of is het ongemak? Als een indringer in een voor mij onbekend huis schuifel ik verder langs het zorgvuldig opgehangen werk, waarbij het me opvalt dat één persoon centraal staat. Het meisje en later de vrouw met donker gekrulde haren ontbreekt op vrijwel geen enkel schilderij. Ik kijk op het kaartje rechtsonder een portret: '8 september 2011 - Pratiksha: je hebt me geschilderd hoe ik mij voel'.

Ik draai me om naar Daan: 'Mijn dochter. Ik heb haar geschilderd. Ze is op 18 december 2013 overleden aan de gevolgen van een hersentumor. In september 2011 ontdekt. Mijn schoonzoon belde me op. Pratiksha was bij hem en mijn andere dochter en paste op de kinderen. Zij praatte wat vreemd en had ontzettende hoofdpijn. Diezelfde avond zijn we, op doktersadvies, naar het ziekenhuis gereden en daar werd de tumor ontdekt. Vanaf dat moment tot aan haar overlijden heb ik geschilderd. Haar. Ons. Gezin. En nu, twee jaar later, heb ik op exact dezelfde datum deze expositie geopend. Een aanleiding om over haar te kunnen vertellen. Dat doe ik graag. Ik kijk nu eenmaal lang achterom'.

'Het verhaal' vervolgt Daan 'waarin duidelijk wordt wat de impact is van het verlies van een dierbaar persoon. In de kracht van haar leven. En wat de sterke Pratiksha doormaakte. Sterk! Dat was ze. Als gezinsvoogd moest ze harde beslissingen nemen. Voor en over anderen. Die kon ze emotioneel aan. Ook was ze erg zelfstandig. Om tijdens haar ziekbed weer kind te moeten worden van haar ouders vond ze moeilijk. Onafhankelijkheid was voor haar een groot goed. Met de strijd die ze leverde wilde ze ons niet altijd lastigvallen. Haar persoonlijk verdriet liet ze dan ook niet gemakkelijk zien. Ik heb geprobeerd om die momenten te 'vangen'. Ik heb geprobeerd Pratiksha vast te leggen zoals ze is. Als persoon, individu. Als lid van ons gezin waarin leven en dood heel dicht bij elkaar staan.

Pleurant
Met andere ogen bekijk ik de schilderijen opnieuw. Ik sta langer stil bij de vastgelegde emoties die Daan heeft verbeeld. Onder andere het schilderij van Pratiksha met het beeldje ervoor. Daan: 'Als het maar even kon gingen we er met Pratiksha op uit. In de zomer van 2013 kwamen we langs een antiekwinkeltje in Zwolle. Hier stond een beeldje, een vrouwenfiguur met een grote kap. Ik liet merken dat ik het mooi vond. Die avond vroeg Pratiksha aan mijn vrouw, Inez, het beeldje voor mij te kopen. Het stond vervolgens bij ons in de kamer op de kast tegenover de bank waar Pratiksha zat. Het straalt rust en ingetogenheid uit. Een paar dagen voordat Pratiksha overleed, kreeg ik bericht dat mijn broer Jan had ontdekt dat het een pleurant van de graftombe van Isabella van Bourbon is. Een rouwfiguur dus. Hoe toepasselijk. Een paar weken na Pratiksha's overlijden, stuurde ik de conservator beeldhouwkunst van het Rijksmuseum, Frits Scholten, een e-mail met daarin de vraag of ons beeldje met dezelfde afmetingen als van het origineel in het Rijksmuseum misschien een kopie ervan zou kunnen zijn. Hij antwoordde dat omstreeks 1900 het museum kopieën in gips van enkele van deze bronzen pleurants had gemaakt. Ook vertelde hij dat het beeldje dat ik van Pratiksha kreeg inderdaad één van die kopieën is. Kort daarna gingen Inez en ik naar de steenhouwer om een grafsteen uit te zoeken. Het was duidelijk voor ons dat de pleurant een plek op Pratiksha's graf moest krijgen.


Op geringe afstand?

Daan vertelt verder. Het verhaal. Waarin niet alleen zijn dochter centraal staat, maar ik steeds meer mijn focus op Daan als centrale figuur leg. Ik kijk en luister naar hem. Als vader. Een vader die vertelt met een mengeling van verslagenheid en drang naar berusting. Bovenal overheerst de trots. Op zijn dochter, een mens, die hij mocht ontmoeten. 'Afstand is er. Altijd. Tussen alles en iedereen. Overal. En altijd gaat het over twee of meer mensen. Afstand kan wél verkleind worden. Door verbondenheid, liefde en trouw. Dat maakt afstand gering.' Ik merk dat ik mijn gedachten hardop uitspreek: 'Hoe mooi dat je in je leven mensen ontmoet van wie je gaat houden. Zij maken er onderdeel van uit en blijven bij je. Ongeacht. Altijd. Heel dichtbij. Zelfs soms zonder afstand. Of in ieder geval minimaal. Inderdaad, gering...'

'December 2015
uitzonderlijk
zacht voor de tijd van het jaar

kinderen en kinderen
Goddank dat zij er zijn
zij zijn een warme jas
ik was die (even) kwijt
het is niet meer zo koud
als vorig jaar om deze tijd'

Inez en Daan van Driel

vrijdag 6 november 2015

Versier me!

Het sluimert. Al jaren. Tijdens het zetten van de eerste, wist ik dat het niet bij deze ene tatoeage zou blijven. Simpelweg omdat ik daarna nog twee kinderen kreeg. Het juiste moment was er alleen steeds niet. Forceren heeft geen zin. Niet al te veel mijn zinnen hier op willen zetten. Niet naarstig zoeken. Laat nog maar even sluimeren. Want, dan opeens... is het er gewoon. Of in dit geval hij. Toen ik Wilko zag en sprak, geen twijfel. Ik wist op dat moment dat hij mijn onvoorwaardelijke liefde voor Tom, Anne en Luuk voor altijd zichtbaar mag maken op mijn lijf. Waarom juist hij?


Foto: Margret Kuiphuis
De liefde voor het vak. Allereerst. Spat uit zijn ogen. Niet over één nacht ijs. Rustig en weloverwogen beantwoordt hij mijn vragen. Luistert ook. Naar mijn verhaal. En vertelt. Het zijne. Herkenning. Het willen vastleggen van verhalen. Ik via teksten 'op papier'. Hij via symbolen op een lijf. Het verhaal betekenis geven. Vertellen. En doorvertellen. Wat de ander, de mens, beoogt. Wat hem of haar op die plek heeft gebracht. Een passende plek of juist nog niet? Wat het kostte om daar te komen. Die plek te bereiken. Overtuigend of aarzelend? In ieder geval de bezieling. Die spreekt ons beide aan. En de ontmoetingen natuurlijk. Daar staan we voor open. Iedere dag weer. Toevallige passanten. Of op afspraak...

Die tussen ons is snel gemaakt. Geen aarzeling van zijn kant. Dus rij ik op de afgesproken woensdagmiddag naar Lelystad, waar hij zijn vakmanschap bij '2Tone Tat2, Tattoo & Piercing' in de praktijk brengt. Het decor waarin ik verzeild raak, is niet dezelfde als ik verwacht had aan te treffen. Ik waan me direct in een bar. Of is het een oude kapsalon, barbier? Of sterker nog.... huiskamer? Alles behalve een klinische tattoo- c.q. piercingomgeving die ik me voorstelde. Tijd om hierover verder na te denken wordt me niet gegund. Wilko's gastvrije collega Wido heet me hartelijk welkom. Of ik koffie of thee wil? Hij zorgt goed voor me, terwijl Wilko nog even een klus moet afmaken. Dochter krijgt een tattoo van haar moeder. Teken 'vrede van God' op de binnenzijde van haar onderarm. Mooi. Daarna nestelt hij zich op de antieke barbiersstoel en draait zich naar mij toe.

Foto: Margret Kuiphuis
En vertelt: "Ik was onrustig en op zoek. Ik ben een kunstenaar. Hoge School voor de Kunsten in Kampen gedaan. Had wat met maskers. Mijn hele kamer hing er vol mee. Geverfd. Op papier, op doek. Ik werkte altijd al met mijn handen. Diverse baantjes, tot en met hovenier aan toe, maar...' Het ratelen stokt even, waarna een zucht: '.... geen rust. Geen doel, niet mijn doel. Niet mijn bestemming. Fysiek verschoof naar digitaal. Grafisch ontwerpen, achter mijn pc. Gedachten dwaalden regelmatig af naar de wereld van de tattoo. Tien jaar geleden besloot ik maar eens gehoor te geven aan deze gedachten en bezocht de Tattoo Conventie in Amsterdam. Daar ontmoette ik Joel Albanez. Ik besloot mijn eerste tattoo door hem te laten zetten".

Waarom Joel? Wilko: "Door met hem in gesprek te gaan, mijn verhaal te vertellen, raakte Joel geïnspireerd tot het maken van een betekenisvolle tattoo die mij persoonlijk past. Hij maakte de betekenis van dit persoonlijke verhaal zichtbaar via de symbolen en motieven die hij aanbracht op mijn lijf. Gaandeweg mijn verhaal tekende hij deze symbolen. In die van mij staat de Koru centraal. Een spiraalvorm op basis van een Varen en staat voor nieuw leven, groei, kracht en vrede. Zijn inspiratie was de mijne. Ik ontdekte dat dit ook was wat ik wilde doen.  Mijn ontdekkings- en zoektocht was geslaagd. Vervolgens werkte ik uren en dagen aan mijn portfolio en bezocht tal van tattooshops om 'aangenomen' te worden. Uiteindelijk werd ik benaderd. Door de voormalig eigenaar van '2ToneTattoo', om hier voor mezelf te beginnen. Dat deed ik. En ben er steeds. De onrust is weg. Ik voel me nu vrij. Vrij om dingen we of niet te doen. Mijn visie en ervaring. Mijn gevoel... Iedere dag kan ik het kwijt. Zoals niet eerder. Mijn creativiteit heeft zijn weg gevonden. En daarin is geen ruimte voor negativiteit".

Foto: Margret Kuiphuis
Booming business?
Wilko lacht als ik hem vraag of hij rijk wordt van het tatoeëren. "In welke zin? Materialistisch? Nee. Of ik een rijker mens ben geworden door mijn hart te volgen? Een volmondig 'ja'. Zo'n duizend mensen heb ik al op mijn stoel gehad. Allemaal met een persoonlijk verhaal. Enkele ontmoetingen blijven je bij. Zoals de soldaat die uitgezonden werd naar Irak en voor die tijd nog 'even' een sleeve-tattoo (hele arm) wilde zetten. Door deze omvangrijke klus in korte tijd, zag en sprak ik vrij intensief met hem. Over zijn letterlijke ervaringen in oorlogsgebieden. Deze verhalen hadden veel impact op me. Er ontstond een band, een relatie."

Hype?
"Tattoos worden tegenwoordig door iedereen gedragen. Alle lagen van de bevolking. Het raakt uit de taboesfeer. 'De wereld van de tattoo' staat in een ander daglicht. En laten we niet vergeten dat het fenomeen al sinds mensenheugenis bestaat. Er wordt vermoed dat de eerste tatoeages 14.000 voor Christus verschenen. De term tatoeage stamt af van het Tahitiaanse woord Tatu, wat 'merken' of 'strepen' betekent. En denk aan de Maori tattoos. Deze bestaan al meer dan duizend jaar. Ik merk dat tegenwoordig meer mensen overgaan tot het laten plaatsen van een tatoeage aan de ene kant. Anderzijds gebeurt het niet impulsief. Integendeel; het is een weloverwogen de keuze. Het past ook in de tijd. Mensen zijn zich bewuster van de wereld waarin ze leven. De vanzelfsprekendheid is er niet altijd. De mens wil uniek zijn en maakt keuzes die bij hem of haar passen. Bijvoorbeeld op het gebied van voeding, maar ook met betrekking tot de manier waarop kennis wordt vergaard. Ik vind dat tof om te merken. Mensen kiezen bewuster en uiteindelijk meer voor zichzelf zonder zich wat aan te trekken van de mening van een ander."

Wido - foto door Margret
Terwijl ik de warmte van de ruimte, maar vooral die van de eigenaren nog eens op me in laat werken, kan ik niet anders dan beamen. Ieder mens is perfect. Zoals hij of zij is. Waarom oordelen? Over de ander. Over eigenaardigheden, gewoonten, bijzonderheden. Over versieringen. Op het lijf. Over de mannen hier bijvoorbeeld. Kijk Wido. Geen plek op zijn lijf schoon van tattoos. Ik kijk naar hem. Alsof hij mijn gedachten raadt, grijnst hij me tussen de klanken van Johnny Cash door toe: 'Ja ja, mijn hele lijf is versierd, behalve mijn piemel'. Ik lach. Maar voorbij al die 'plaatjes' zie ik vooral zijn ogen, hoor ik zijn stem. Die grappig, hartelijk en warm is. En ook Wilko spiegelt. Met zijn verhaal. Zijn plezier. Iedere dag. Het 'doen' wat hij wil. 

Foto: Margret Kuiphuis
Over inspiratie gesproken. Wat een toffe kerels! Wilko vertelde. En ik mocht mijn verhaal aan hem vertellen. Hij mag het nu vertalen in ontwerp en plaatsen. Op mijn lijf. Want ja, ook ik laat me graag versieren met een symbool die refereert aan de mensen van wie ik hou. 

Wil  je Wilko en Wido ook ontmoeten? Zie hun site 2ToneTattoo voor meer informatie.








donderdag 1 oktober 2015

Het niets ontziende realisme

Mijn gedachten dwalen af naar de kunstenaar wiens werk mij soms confronteert tot op het bot. Af en toe zoek ik het op. Dan bezoek ik musea waar haar werk tentoongesteld wordt. Onder andere de geschilderde portretten. Geen karikaturen. Soms word ik onverwacht geconfronteerd. Zoals een aantal jaren terug. Teken- en schildercursussen. Afwisselend diverse technieken, vormen. De opdracht van die week: zet jezelf op papier à la Charley Toorop. Ik deed en schrok. Van het resultaat. Deze expressieve manier van schilderen beeldt namelijk niets anders uit dan de realiteit. Het werk ligt vanaf dat moment op zolder. Toch heb ik het vandaag weer tevoorschijn gehaald. Aanleiding? Mijn ontmoeting met karakterfotograaf Alex Vreeman.

Eerst zag ik hem. Middelgrote man. Normaal, tot slank postuur. Blond haar. Open houding, toegankelijk. Ogen nieuwsgierig en indringend. Achter een bril. Daarna sprak hij. Dynamisch. Op het podium van de Stadsgehoorzaal in Kampen. Over zijn 'drive', het fotograferen van mensen, portretten. Of, zoals hij zelf zegt, karakters. Over het 'pakken' van momenten. Hét moment waarop de unieke mens voor de camera totaal zichzelf is. Zoals die gezien wordt door de ander. Dát karakter legt hij vast. Op dat moment. Met die ene druk op de knop. Zien. De ander? Of zichzelf? Mezelf? Lastig voor iemand zoals ik. Die op zoek is. Aan het dobberen zelfs. Maar ik wil niet te lang in dat bootje blijven. Ik wil schitteren. Er zijn. Mezelf zijn. Met twee benen stevig geaard. Ik. Dus. Ik nodig mensen uit, laat me uitnodigen om via hen een tipje van mijn eigen sluier op te kunnen lichten. Ik wil mensen ontmoeten. Energieke, creatieve en positieve mensen. Mensen waar ik nieuwsgierig naar ben. Delen. Elkaar verrijken. Een paar dagen later leg ik opnieuw contact met Alex en vraag of hij ons gesprek op een ander moment wil voortzetten. Na een positieve reactie rijd ik, weer een week verder, dan ook richting de Achterhoek, werk- en woonplaats van Alex.

Koffie aan een lange witte tafel in het voorste gedeelte van het woon- cq werkhuis. "We gaan hier zitten, hier is het licht, dan zien we elkaar!" Er hangt werk van Alex. Portretten. Uiteraard. Gezichten die me aankijken. Er zijn. Er horen te zijn. Alsof deelgenoot van het gesprek. Koffie, samen met partner en zoon. Aftasten in hartelijkheid. Opnieuw vertelt Alex over zijn drang en passie om het karakter vast te leggen: "Ik wil de ontmoeting onthouden door het moment te pakken waarop de mens zichzelf herkent. Dat kan pas in een gesprek waarin we op zoek zijn naar gedeelde passie. Er zijn in het gesprek altijd momenten waarop de ander en ik iets delen. Dat moment is ons moment. Ik focus me op dat gedeelte waarop we ons beide comfortabel voelen. De ander laat zich zien en ik herken. Dé klik. Dé druk op de knop. En 99% kiest uiteindelijk juist die ene foto. Van dat unieke moment. Waarop de persoon totaal zichzelf was."

Een klik. Altijd?
Alex: "Ik geloof in de goedheid van de mens. Ik geloof in de ‘zuivere ik'. Ieder mens wordt met een goed hart geboren. Dan is er in een ontmoeting dus altijd een moment waarop het klikt. Soms een megaklik, soms minimaal. Altijd is er 'iets'. Een dilemma ontstaat op het moment dat een klik niet mogelijk is. Beter: niet wenselijk is. Er zijn helaas ook extremen. Die zijn zo ziek. Misdadigers. Mensen die vanuit die invalshoek grenzen over gaan. IS, oorlogen, afslachten. Ik kan er niet mee uit de voeten. Die kan ik niet fotograferen. Er zijn fotografen die het wel kunnen. Die bewonder ik zeer. Zij zijn wel in staat om de mensheid te confronteren. Via het oog van de misdadiger inzage geven in verderf. Vaak vraag ik me af welke foto ik zou moeten maken om te laten zien wat we met elkaar aan het doen zijn. Hoe verwoestend en desastreus. Dat confronterende beeld vastleggen. Dit soort beelden kunnen enorme prijzen opleveren. Maar voor die ene foto, die alles vastlegt, hoef ik geen prijs. Eigen gewin halen over leed hoeft voor mij niet. Let wel; die foto moet wél gemaakt worden. Zoals gezegd heb ik dus grote bewondering voor bijvoorbeeld de fotograaf die het aangespoelde jongetje fotografeerde. Dat beeld zet de mensheid aan tot nadenken, creëert in dit recente voorbeeld begrip voor vluchtelingen. Waarom leren we niet als mens? De geschiedenis blijft zich herhalen. Voortplanten, eten, vangen en ondertussen maken we elkaar af? Om wat?" En toch vind je ieder mens mooi? "Er bestaan geen lelijke mensen, wel lelijk gedrag."

De verkeerde vraag?
En dan zit 'de persoon' in je studio. Op die stoel, op die kruk, tegen die specifieke achtergrond. In dat licht. 'Naakt' voor de camera. Alex achter zijn camera. De persoon in kwestie mogelijk wat ongemakkelijk? Alex: "Ons levenspad vormt ons allemaal. Ongeacht leeftijd. Ik probeer mensen los te trekken van dat pad en de 'zuiverste ik' te treffen, vast te leggen." Dat klinkt als psychologie van de 'kouwe grond'. 'Ja! Juist!’, roept Alex en vervolgt: "Niet wetenschappelijk onderbouwd, maar hét gesprek. Soms is het juist de ene vraag - die ik misschien beter niet had kunnen stellen - die een opening biedt in hoe de persoon daadwerkelijk is. Een vraag die ik intuïtief stel. Eén waar ik me niet van bewust ben. Eén die een wending aan de setting geeft, waardoor het gesprek intenser wordt. Omdat de persoon geraakt wordt door die vraag. Soms besef ik me dat het niet aan mij is om die vraag te stellen. Het is namelijk niet mijn bedoeling om een gat te creëren. In geval van een klik en een goed gesprek, in combinatie met die kwetsbaarheid, wél perfect voor die ene foto. Want de geraaktheid van de ander raakt mij. Dat maakt het beeld compleet. Omdat het aanzet tot nadenken."

Al pratend en filosoferend nadert lunchtijd. Ik mag bij het gezin aanschuiven. Voel me opnieuw welkom. Ook dit keer een ruime tafel. Een andere. Deze is van hout. En bruin. En staat midden in de werkomgeving van Alex. Daarop feestelijk en uitnodigend vers brood en dito vleeswaren. We zetten het gesprek tussen de boterhammen voort.

Shoot?
Vanuit het niets ineens daar de opmerking: "Ik zet jou straks ook voor de camera…" Ik? Nee. Echt niet. Ik kom voor Alex's verhaal, zijn passie wil ik graag horen. Daar wil ik over schrijven. Niet om over mij, mijn onzekerheden, 'gedobber' en zoektocht te praten. Daar wil ik het allemaal niet over hebben. En al helemaal niet voor de camera. Toch. Zit daar de kracht. Daar zit onze klik. Alex zocht namelijk ook. Eens. Hij vond. Zijn passie. Na een burn-out. Jaren terug. Die hem bracht tot waar hij nu is. "Kunstenaars vechten tegen zichzelf. Omdat ze de wereld niet begrijpen! Zelf niet begrepen worden", en vervolgt adviserend: "Focus! Op datgene waar je hart ligt, op waar je dan vanzelf goed in bent of anders wordt. Soms voelt het als een slapend DNA, maar iedereen draagt creativiteit en talent bij zich. Jaren fotografeerde ik voor de setting mooi gemaakte situaties en mensen. De buitenkant fotografeerde ik. Ik miste de puurheid. Mijn burn-out heeft mij in ieder geval wakker geschud. Ik heb mijn passie gevonden in deze vorm van fotograferen."

En terwijl ik toch vertel over wat mij raakt, waar mijn hart ligt, stelt Alex ongemerkt statief en camera tegenover mij op. Hoewel? Ongemerkt? Natuurlijk voel ik me even iets ongemakkelijk. Helemaal wanneer ik hoor wanneer hij op dé knop drukt. Eventjes maar, want het klopt wat Alex eerder die dag vertelde. Het gesprek zetten we dan ook voort. Ben ik eenmaal over de drempel heen, dan de fotosessie ook. Maar nu in zijn andere studio, die met prachtig daglicht. Die waar mijn emoties, zowel positief als negatief nóg beter tot zijn recht komen. Hij legt ze vast. Wanneer ik het resultaat zie, ben ik blij. Want ik zie mezelf zoals anderen mij zien. Confronterend? A la Charley? Ja, maar dan anders. Alex vond een vorm voor mijn verhaal en legde tegelijkertijd onze klik vast. 

Een ontmoeting om te onthouden.


'Is de natuurlijke verschijning de werkelijkheid’, vroeg Charley Toorop zich al in 1917 af, 'of is aan haar vorm alleen te betasten het meest onwerkelijke dat voor ons verschijnt? Dit onwerkelijke, wat het meest werkelijke is.'

Voor meer informatie: Alex Vreeman




 


 


 



vrijdag 18 september 2015

Power to the (ordinary) people

Politiek ben ik niet onderlegd. Wel ben ik geïnteresseerd. En betrokken. Over het reilen en zeilen, maar vooral over de toekomst van dit land, Europa, de wereld. Niet alleen voor mezelf, maar ook voor al diegenen na ons die ook nog een prettig leven op deze aardkloot willen leiden. Ik volg dan ook via een livestream de algemene beschouwingen op de Miljoenennota, waarin met stip op één wordt gedebatteerd over de grote vluchtelingenstroom. Ik probeer me te focussen op de inhoud, maar wordt geraakt door het proces van het debat. Negatief.

Het belangrijke issue 'vluchtelingenopvang' lijkt te worden gebruikt om eigen partijen te profileren richting toekomstige kiezer. De andere partij op voorhand al de mond snoeren om een loef af steken. Volgens mij is het geen verkiezingstijd en -strijd, maar zijn dit de algemene beschouwingen. Verscheidenheid aan meningen, ideeën en overtuigingen kleurt ons land. Vanuit die diversiteit kiezen wij, 'het volk', onze landsvertegenwoordigers. Uit handen geven wij onze stem. Democratische stem. Aan hen, 'de club van wijze mannen en vrouwen' waar we allemaal vertrouwen in hebben dat verscheidenheid een bijdrage levert aan de collectieve wil om dit land, de wereld te verbeteren.

Vanuit die gedachte - noem het rustig naïef - volg ik het debat. Al kijkend en luisterend begint het in me te borrelen. Steeds harder. Te koken. Alsof ik naar een slechte tv-serie met dito acteurs kijk. Een façade. Personages die hun eigen typetje imiteren. Dat zelfs de voorzitter verzoekt om vooral op de inhoud te blijven beargumenteren. In plaats van op kleur. In plaats van op religie. In plaats van op ras. Ik hoor zelfs een oproep tot 'verzet'! Omdat 'Nederland' dat wil. Daar wil ik niet bij horen. Daar hóór ik niet bij. Ik ben inwoner van deze wereld, niet alleen van dit land. En ik mág hier een tijdje zijn. Niet alleen verblijven tussen een paar piketpaaltjes die de grenzen van ons 'kikkerlandje' bepalen, maar in een wereld waar in mijn beleving nog steeds ieder vanuit zuiverste intentie is geboren. Ik toevallig hier. In het rijke vrije Westen. Hij of zij toevallig daar. In een gedeelte van de wereld vol dictatuur, oorlog, haat en geweld. Met afgrijzen volg ik dan ook overwegend de opwinding, stemverheffing en verwijten over en weer. Beschuldigingen vieren hoogtij. Niemand schijnt  'ervan' te zijn. Een tweespalt dreigt te ontstaan. Al vingerwijzend naar elkaar, blijft de bal in het midden liggen.

Het vormgeven, aanpassen en uitvoeren van beleid. Via schofferen? En het is niet voor het eerst. Dat ik me stoor aan het optreden van de club van wijze mannen en vrouwen. Al jaren neemt het vertrouwen en geloof op onze landsbestuurders af. Maar dat het schaamrood op mijn kaken toeneemt bij het horen van  uitspraken als 'asieltsunami' en 'testosteronbommen' gaat nog een stapje verder. Tenslotte valt de term 'illusiepolitiek'. Die doet mij de das om. Ligt het aan mij of mis ik alle essentie? Ik geef het op. Ik stop met kijken. Luisteren. Weiger nog langer getuige te zijn van deze politieke Jan Klaassen en Katrijn poppenkast. Is dit de Nederlandse cq westerse beschaving?

foto: Ferdy Damman Photography
Ik kleed me om voor een avondje Hedon, het poppodium van Zwolle, wat in het teken staat van een benefietconcert voor vluchtelingen. Daar aangekomen word ik, samen met 850 anderen, verwelkomd door Typhoon. Hij nam anderhalve week geleden initiatief tot het benefietconcert en weet andere artiesten als Racoon, André Manuel, Roosbeef, Blaudzun en John Coffey zover te krijgen belangeloos in Hedon te spelen. Ik geniet van de muziek, het optreden van zijn band in het bijzonder. Het publiek is divers. Een jongetje van acht ('ik ben je grootste fan!') zit op het podium. Ik sta naast een man van achter in de zestig. Groot, klein. Man, vrouw. Blank, zwart. Allemaal dansen we. Niet alleen op de muziek. Ook op zijn woorden, zijn visie op hoe grenzen steeds meer vervagen. De artiesten roepen op. Om de politieke vraagtekens om te zetten in uitroeptekens. Om onze krachten, de 'gewone' burger,  juist wel te bundelen en vanuit menselijk 'beleid' te handelen. Om niet akkoord te gaan met het weigeren van vluchtelingen. Negativiteit stroomt uit mijn lijf. Vier samen met de anderen feest. Hoe divers we ook zijn. Ons vrijheidsfeest. Het welkomstfeest. Voor een vluchteling. Die niet meer daar, maar wel hier kan zijn.

Typhoon start en eindigt de avond met gedichten van Rodaan Al Galidi, waaronder One is too many

'Iedereen is van de wereld en de wereld is van iedereen'


maandag 10 augustus 2015

Scegli il Paradiso

'Well, see you Wednesday morning! Then the artists will be in the studio'.

En zo rijden wij die bewuste woensdag met onze geleende camper vanaf de Adriatische kust richting Imola, naar de werkplaats van het kunstenaarsduo Bertozzi & Casoni. Beetje zenuwachtig, maar nog meer verheugd en vooral benieuwd naar de mensen achter de realisatie van het keramische werk waar ik twee jaar geleden zo onder de indruk van was geraakt. 

Om precies te zijn; in februari 2013 zie ik haar voor het eerst. Een prachtige lentedag. Waarom niet naar het strand? Daarna argeloos het museum Beelden aan Zee in Scheveningen betreden om vervolgens geconfronteerd te worden met de imposante sculpturen van (Giampaolo) Bertozzi & (Stefano Dal Monte) Casoni, waaronder 'Scegli il Paradiso'. Opgesteld tegenover 'Madonna scheletrita'. Ik schrik. Heftig moment. Leven en dood. Zo dicht op elkaar. Letterlijk en figuurlijk. De baby aan haar voeten. Is het mooi? Zuiver? Of bizar? Ik word getroffen door de verwijzing naar nietig en het feit dat alles voorbijgaat.

Het kost me tijd om de opgedane indrukken te verwerken. Mijn nieuwsgierigheid is ook nog lang niet bevredigd. Ik wil meer. In ieder geval de expositie eerst nogmaals bezoeken. De twee sculpturen voor een tweede keer bekijken en daarnaast aandacht schenken aan de andere tentoongestelde werken. Uitstel wordt afstel. Ik ben te laat. De stukken staan inmiddels alweer in Italië, de thuisbasis van beide kunstenaars. Ik zoek informatie op internet, wil weten of er nog meer exposities in Nederland het verschiet liggen. Nee, niets. Het komt er niet van. Tot afgelopen week dus. Twee jaar later...

Als afsluiter van een heerlijke vakantie. Na een paar weken door verschillende gebieden van Italië getrokken, toetsen we als laatste de plaats 'Imola' in als bestemming in het navigatiesysteem. Daar aangekomen, worden we geleid naar een groot industrieterrein vol loodsen en barakken. Enigszins bescheiden stappen we die van de heren binnen. De loods bestaat uit drie gedeelten en een bovenverdieping. Grauw, grijs en stoffig. Ogenschijnlijk. Ogen enigszins aangepast en zelf een beetje geacclimatiseerd, word ik in korte tijd keer meerdere keren verrast door de kleurrijke fragmenten en details van het werk (hún werk) wat open en bloot ongeordend overal verspreid en binnen handbereik ligt. Klaar om opgenomen te worden in de meest fantastische composities. Geen twijfel mogelijk. We bevinden ons in het Walhalla van de keramische kunst. Geen moment om hierover na te denken. Uit het derde gedeelte komt Casoni ons begroeten. Met een lichte verontschuldiging voor zijn slechte Engels, roept hij snel Bertozzi en ook Jolanda, hun assistent.

Nog steeds beduusd over de hartelijke ontvangst, gastvrijheid en nog meer de verhalen over inspiratie, bijvoorbeeld zoals nu het werk 'Summer' uit 1573 van kunstschilder Guiseppe Arcimboldo. We zijn getuige van de eerste opzetten. In plaats van fruit, pronkt op het torso af en toe een inmiddels voor ons bekend grapje van de heren. Denk aan een sigaret of één van de Piero Manzoni blikjes. De liefde voor het vak spat van de verhalen af. Wat aarzelend vertel ik over mijn eerste ontmoeting met hun werk in Scheveningen. Geraakt door de Madonna, het leven en de dood. En waarom juist dít werk in het bijzonder. Ik raak geëmotioneerd wanneer ik besef dat ik nu oog in oog sta met het creatieve brein en de meesterlijke uitvoering van de sculpturen die mij weten te treffen. 'Kom!'

De rondleiding gaat verder. Het verhaal wordt voortgezet. In de andere loods. Ook daar is niets wat het lijkt. Zelfs de verdwaalde 'Brillo' dozen zijn van keramiek. En daar tussenin staat ze. Stevig ingepakt in een gigantisch houten krat. Klaar om verscheept te worden, ik meen naar New York. Een glimp vang ik van haar op.

Jolanda vraagt of we nog even mee gaan naar boven. Deze ruimte is half kantoor, half werkplaats. Ook hier geldt het contrast stoffig versus kleurrijk. De her en der verspreide keramische bloemen lijken nog kwetsbaarder zo tegenover de enorme zwijnenkop boven het kopieerapparaat. Jolanda kruipt snel even achter haar pc om het laatste nieuws te checken. Haar bureau staat aan een binnenraam en vanuit daar overziet zij de gehele werkplaats. Casoni neemt plaats aan een grote stalen eettafel. Bertozzi opent de kast achter de tafel en pakt er een stapel overzichtsboeken uit. Oeuvreboeken. Al bladerend lichten de kunstenaars tekst en foto's toe. Vertellen over de verschillende periodes en de diversiteit. Het provoceren. 'Either you accept a dialogue or die'. Over hergebruik. Wat is afval? Wat maakt iets tot afval? Wie bepaalt? De contrasten. Al vijfendertig jaar werken de mannen samen. Ontmoetten elkaar op de kunstacademie in Faenza. We krijgen de boeken. Gesigneerd en wel. Verbouwereerd nemen wij ze in ontvangst. Daar blijft het niet bij. Ik krijg een narcis. Uit het werk 'Madonna Scheletrita'. Eén van de Manzoni blikjes wordt ons toegeschoven.

We zijn met stomheid geslagen Zij zijn ons voor. Bedanken ons. Zij ons nota bene. Voor het bezoek en de interesse in hun werk. Wanneer we wegrijden ben ik -net als twee jaar geleden- getroffen. Nu alleen nog meer door de breinen achter het werk. De mensen achter het werk. Ook nu heb ik nóg niet genoeg gehad. Ook nu wil ik nóg meer Bertozzi & Casoni. Wanneer is de volgende expositie?

Meer over Bertozzi & Casoni weten? Check hier hun site
Blog nav bezoek Beelden aan Zee: Just a sunny Sunday

zondag 12 juli 2015

Avondrood


Zo'n willekeurige avond. Na het avondeten. We zijn laat vanavond. Kinderen en ik. De vuile vaat op het aanrecht voor even alleen en achter ons latend. Samen. Uitbuiken. Zoon en dochter, beiden gefocust op het virtuele leventje wat schuil gaat achter het glas van hun mobiele apparaat. Ik zapp wat gedachteloos van de ene televisiezender naar de andere. Het is warm in huis, benauwd zelfs. Ik loop naar de achterkamer om het raam te openen. Het raam in de woonkamer staat op een kier. Ook dat moet verder open, wil de wind vrij rond kunnen dolen en voor verkoeling zorgen. 


Terwijl mijn hand uitreikt om de raamopener op het vierde gaatje te zetten, valt mijn oog op het prachtig rood buiten, rechts van mijn huis. Ik loop naar het balkon aan de voorzijde om het beter te kunnen zien. Over de gehele breedte boven de daken van mijn buren is het rood, roze en blauw. De zwarte contouren van één van de bomen zorgt voor contrast. Briesjes bij vlagen bereiken mijn warme lijf op de luttele vierkante meters beton. Net genoeg voor verfrissing. Ik laat de kamer én de vieze pannen achter me en installeer me in de kussens van de groene plastic Hartmanstoel.


Mijmeren. Of overdenken. Piekeren? Overgeven aan en kunnen loslaten zijn niet mijn sterkste punten. Ervaringen, ontmoetingen en gevoelens uit het verleden confronteren me soms onverwacht en ongewild en nestelen zich sinds lange tijd dan weer in me. Maar ook de korte termijnverwerking kan er wat van. Opgedane indrukken tijdens een dag als deze bijvoorbeeld blijven malen. Een overleg met mijn manager. Vervolgens een gesprek met mijn coach. Resulteert in een dialoog met mezelf. Zelfreflectie. Wat een woord. Maar ik kan er niet omheen. Als een echo schieten de woorden van vandaag door mijn hoofd. Knallen als een bal in een flipperkast van links naar rechts. Troebel is het. Mag het ietsjes minder? Gek word ik soms van mezelf. En dan de opdracht voor dit blog met daarin: 'en vertel hoe je nu uitrust'. Het kookt in me.

Uitrusten, een dag 'schoon' afsluiten. Maar ook uitrusten om tot een gezonde basis te komen, van waaruit dito beslissingen volgen. Over hoe verder. Een nieuwe, misschien wel andere, koers. Ik weet dat dat moet. Zo niet, val ik terug in herhaling. Blijf ik onrustig en word ik misschien ongelukkig zelfs. De vraag is alleen 'wat' en belangrijker nog 'hoe'? Eerst vakantie. Over een week vertrekken we met de camper richting Italië. Even weg van alles. Wie weet biedt een andere omgeving ruimte voor nieuwe ideeën. Ik haal diep adem. Langzaam verdwijnt de frons van mijn gezicht. Ik glimlach wanneer ik de beginnende gitaarklanken uit de slaapkamer van mijn zoon hoor. De voorzichtige akkoordjes vermengen zich via het balkon met de zonsondergang. Ik neem een slok koffie en geniet. Van dit moment...

Dit blog schreef ik naar aanleiding van de tweede blogopdracht van #IBZD



donderdag 2 juli 2015

Mijn boot is mijn eiland

Een aantal weken geleden bereikte mij via social media een oproep van MET-K.COM (Karin Ramaker) om mee te doen aan blogopdrachten in de maand juli die via haar blog verschijnen. Hier mijn verhaal, of brief kan ik beter zeggen...

Lieve T,

Mijn lijf sprak een aantal weken geleden geen boekdelen. Het vertelde me dat het tijd was voor een time-out. 'En nu blijf je zitten!' Rust, reinheid en regelmaat! Huh? Ik? Maar moe, zo moe kostte het geen moeite om me over te geven aan bed, bank en tuinstoel. Wandelingen maak ik. En af en toe een uitstapje. Lezen poog ik. En terwijl ik ongeveer bij pagina 95 in het boek De Onderwaterzwemmer ben beland, krijg ik tegelijkertijd een oproep. Een uitnodiging eigenlijk. Een boot wordt me aangeboden. Om mee naar een onbewoond eiland te varen. Een beter moment had ik niet kunnen treffen. Vijf dingen mag ik meenemen.

Ik voel me verheugd wanneer ik plaatsneem in de boot. Het is een klein oud houten bootje, in verschillende tinten geel. Twee planken aan de binnenzijde zijn wit geschilderd en dienen als zitting. In het midden van de voorlaatste plank bevindt zich een gat, bedoeld voor een parasol? Een bootje waarvan je redelijkerwijs twijfelt of je er wel in moet stappen. Laat staan als één waarmee je de grote zee mee zou willen overvaren. Zak ik niet door de bodem? Geen lek? Het hout oogt niet alsof het zich laat vertrouwen. Mijn intuïtie laat zich gelden en ook de genereuze schenker weet me te overtuigen. 

Voorzichtig stap ik aan boord. Onervaren als ik ben, voel ik toch dat het goed zit. Tussen mij en de boot. Verheugd. Beetje uitverkoren ook. Reizen en verplaatsen, voortkabbelen op het heldere water richting de stip op de horizon, het beloofde eiland. Tropische vissen met alle kleuren van de regenboog schieten onder de boot door. Glanzende schubben weerkaatsen in het zonlicht. Vissen in alle soorten en maten vergezellen me op mijn reis naar het oneindige. Mijn boot voelt als mijn bestemming. Het gaat om het 'nu'. Mijn boot is mijn hier. Als een fata morgana verplaatst mijn doel, keer op keer. 

Ik weet dan ook niet of ik aankom.En waar? De kunst is om me te laten verrassen en me niet te laten leiden door onzekerheden. Me hierdoor vooral niet van de wijs te laten brengen. De wetenschap dat ik toch wel aankom op de plek die voor mij bedoeld is, stelt me gerust. Ik geniet intens van dit moment. Dagen, jaren mag het duren. Mijn gedachten dwalen af naar mijn laatste coachgesprek. Of ik in één woord mijn meditatieoefening wil samenvatten? Water. Dat staat voor zuiverheid. Is de basis, het begin. Dé motor. 

En nu drijf ik hier. Zachtjes klotst het water tegen het bijna verweerde hout. Ik maak me geen zorgen. Laat me meevoeren. Alleen. Maar niet eenzaam. Want velen zitten in mijn hoofd en hart. Onderwater. Die samen met de prachtig gekleurde vissen meezwemmen. Waarheen ik ook ga. Mensen die ik ooit ontmoette en die aan me vertelden. Mij lieten vertellen. Lieve mensen, boze ook. Ouders die me leven gaven. Naast vluchtige ontmoetingen, ook mensen die ik trof en me nooit verlieten. Lessen in liefde heb ik gehad. Mijn lief heb ik ontmoet. En ik mocht zelf het leven geven. Aan je broer en je zus. Niet aan jou. Dit jaar zou je achttien jaar geworden zijn. Ik wil je laten weten hoe het met me gaat. Terwijl ik weet dat jij weet. Maar het is fijn om te schrijven. Aan jou. Mijn verhaal, dat doorgaat en waarin jij met me meezwemt. Altijd. Waar ik ook naar toe drijf. 

Ik zoek de schaduw onder de inmiddels opengeklapte witte parasol, neem een slok water en leg mijn pen en papier weg. Ik pak De Onderwaterzwemmer en lees verder. Al dobberend. Pagina 96. 'En nu, hier, in dit verzonnen land zonder plaatsnamen, verder weg dan ooit, is hij er weer - in heel zijn afwezigheid'. 

Ik zie wel waar dit bootje strandt.